Blogs cinebel.be
cinebel.be | Créer un Blog | Avertir le modérateur

04-04-17

Twaalf verhalen en een revolutie / la Isla de cuba Nanne Timmer,

9789460683596.jpg


Twaalf verhalen en een revolutie / la Isla de cuba

 Nanne Timmer, 

ISBN9789460683596

Uitgeverij Uitgeverij Marmer Boeken BV

 

Publicatiedatum 02-03-2016

Het motief dat in de hele Cubaanse en Caribische literatuur keer op keer opduikt: de zee in al haar ondoorgronde­lijkheid. Het eiland Cuba dat zich geïsoleerd waant en dat zo tot de verbeelding spreekt. Het eiland, niet als eenduidig tropisch paradijs, socialistische utopie, of politieke wanorde, maar als al­les tegelijkertijd, in al haar rijkdom en tegenstrijdigheid.

In 2012 hoorde ik Mariela Castro in een debat over seksualiteit en sociale verandering dat de nadruk legde op controversiële thema’s zoals homofobie, seksuele revolutie en emancipatie en (gratis) geslachtsveranderingsoperaties. Deze dame, de dochter van huidig president Raul Castro, is voorzitter van het Nationaal Centrum voor Seksuele Opvoeding van Cuba (CENESEX). Ze komt actief op voor de rechten van holebi’s (homoseksuelen, lesbiennes en biseksuelen) en van transseksuelen in Cuba. Ze is licentiaat Opvoeding met specialiteit pedagogische psychologie (1983) en behaalde een Master in Seksualiteit (1997). Ze is ook de voorzitter van de Cubaanse Multidisciplinaire Vereniging voor de Studie van de Seksualiteit, van de Nationale Commissie voor de behandeling van problemen veroorzaakt door de seksuele identiteit en bovendien is ze lid van de Actiegroep voor de preventie en de strijd tegen aids. Daarnaast is ze lid van de World Association for Sexual Health (WAS) en leidt ze het tijdschrift Sexología y Sociedad (Seksuologie en maatschappij), uitgegeven door CENESEX. Tegenwoordig geniet ze internationale bekendheid. Door haar verhaal hoorde ik dat in Cuba al verschillende jaren op diverse niveaus evolutie is geboekt.

Deze evolutie waar Mariela Castro het over had vind ik ook terug in de mooie én originele verhalen in de bundel Twaalf verhalen en een revolutie / la Isla de cuba. Deze bundel is samengesteld en wordt ingeleid door universitair docent Nanne Timmer, die de schrijvers voorstelt en ook uitgebreid over de achtergronden van de verhalen vertelt.

Nanne Timmer vertelt over de verschillende manieren waarop de schrijvers in de bundel refereren aan de situatie op het eiland. Ironie is bijvoorbeeld een terugkerend element in de verhalen, net als absurdisme, hoewel de Cubaanse realiteit bij vlagen ook absurd kan zijn. Denk aan uitgeverijen die geen boeken meer kunnen drukken omdat er geen papier is, maar waar mensen wel elke dag keurig naar hun werk gaan.

La Isla de Cuba is een bloemlezing waarin de veranderingen op het eiland vanuit verschillende hoeken worden belicht. Het zijn verhalen van schrijvers die na 1970 zijn geboren, midden in de dogmatische jaren van de Cubaanse Revolutie toen het bijna niet mogelijk was om alternatieve politieke geluiden te laten horen. In deze twaalf verhalen laten de schrijvers dat geluid nu wel horen.

Sommige schrijvers steken zelfs de draak met nationale helden.

Want juist in de taal en literatuur vindt een symbolische strijd plaats en veel van de verhalen nemen dan ook een kritische houding in tegenover de ideologie die overal op het eiland wordt uitgedragen.

Sommige van de verhalen in deze bundel zijn bij Cubaanse uitgeverijen verschenen, andere werden alleen op blogs of bui­ten Cuba gepubliceerd.

 

Juist in de taal en literatuur vindt een symbolische strijd plaats en veel van de verhalen nemen dan ook een kritische houding in tegenover de ideologie die overal op het eiland wordt uitgedragen.

Sommige van de verhalen in deze bundel zijn bij Cubaanse uitgeverijen verschenen, andere werden alleen op blogs of bui­ten Cuba gepubliceerd. De schrijvers in deze bundel zijn onderverdeeld in twee groe­pen. De eerste groep schrijvers (Ronaldo Menéndez, Ena Lucía Portela, Pedro de Jesús, Waldo Pérez Cino, José Miguel Sánchez, en Gerardo Fernández Fe) is na 1990 gaan publiceren, en de tweede groep (Ahmel Echevarría, Orlando Luis Pardo Lazo, Legna Rodríguez Iglesias, Jorge Enrique Lage, Lizabel Mónica, en Olga Elena Suárez Pérez) na het jaar 2000. In deze bundel zijn deze twee generaties voor het eerst samengebracht.

Alle twaalf verhalen laten de maatschappelijke verschuivin­gen van de afgelopen decennia zien. De verhalen staan in een traditie van Latijns-Amerikaanse literatuur die rijk is aan beel­den en graag experimenteert met bijvoorbeeld perspectiefwis­selingen en spelletjes met tijd. De jongere schrijvers – de tweede groep – gaan verder in hun experimenten, zij laten hun verbeel­ding de vrije loop en schetsen soms ronduit absurde situaties in een ironisch spel met de Nationale Geschiedenis. Veel van de 12 auteurs deinzen niet terug voor expliciet seksuele beschrijvin­gen, sowieso speelt lichamelijkheid in de Latijns-Amerikaanse literatuur – en al helemaal in de Cubaanse – een grote rol. Veel van deze schrijvers bevinden zich ondertussen ook in het buitenland, waar hun meest recente titels zijn verschenen.

De bundel opent met het verhaal 'Vlees' van Ronaldo Menéndez dat het bizarre avontuur van twee mannen vertelt die proberen een koe te stelen en te slachten in de wei. Op Cuba steel je niet zomaar een koe, de dieren zijn eigendom van de staat en met het stelen ervan riskeer je een lange gevangenisstraf. Verenigde Staten ook van de partij. ‘Have a Break, Have a Revolution’ van José Miguel Sánchez is een ver­haal over die nieuwe benadering van de toerist die weer in het straatbeeld opdook. Met de komst van de toerist maakte ook de toeristenja­ger zijn opwachting: een soort nieuw beroep voor Cubanen met een uitzichtloze toekomst. Het verhaal van Sánchez geeft een kijkje in het ‘ideologische toerisme’ van mensen die het echte communistische Cuba willen beleven. Elke dag staat de hoofd­persoon te wachten op het vliegveld om de volgende toerist het echte Cuba te laten zien en te laten beleven.

Het dagelijks leven op het eiland, wordt voor velen gekenmerkt wordt door schaarste, zorgen en verveling. Zo ook het leven van Zeta in ‘Orkaan’ van Ena Lucía Portela. Zij beschrijft een licht omslachtige zelfmoordpoging tijdens de orkaan Michelle in 2001 en laat zien hoe de nationale televisie hierover bericht. Portela wordt gezien als een van 14 meest vernieuwende schrijvers in de jaren negentig vanwege haar humor, de metafictie in haar werk, en doordat ze thema’s aanboorde waar een taboe op rustte. In ‘Het portret’ van Pedro de Jesús speelt expliciet seksueel taalgebruik een grote rol. Het verhaal werd in de jaren negentig gepubliceerd bij een staatsuitgeverij; in de decennia daarvoor zou dat absoluut niet door de staatscensuur gekomen zijn. Op het eerste gezicht lijkt het een erotisch verhaal met bijna ranzige – seksuele beschrijvingen, maar eigenlijk laat het vooral het drama, de schoonheid en het geweld van het menselijk bestaan zien. In een ketting van aaneengescha­kelde begeerte verlangt Ana naar Jorge, Gabriel naar Hector, en Hector naar Jorge. De experimentele vorm van het verhaal – gebruik van verschillende werkwoordstijden door elkaar – laat één personage in de toekomst leven, een ander in het verleden, en weer anderen in het heden, waardoor de werkelijke ontmoe­ting onmogelijk is. Twaalf verhalen en een revolutie / la Isla de cuba geeft dank zij de pen van diverse schrijvers werkelijk een heel boeiende kijk op een Cuba dat wij minder goed kennen. Het is vooral dank zij de deskundige begeleiding van Nanne Timmer dat deze mooie verhalen echt goed tot hun techt komen.

André Oyen

 

00:00 Gepost in BOEKEN | Permalink | Commentaren (0)

De commentaren zijn gesloten.