Blogs cinebel.be
cinebel.be | Créer un Blog | Avertir le modérateur

22-04-17

Teju Cole – Vertrouwde en vreemde dingen.

index (21).png


 

Teju Cole – Vertrouwde en vreemde dingen. Vertaald door Ton Heuvelmans, René Kurpershoek, Paul van der Lecq, Hien Montijn en Menno Grootveld. De Bezige Bij, Amsterdam. 398 blz. € 24,99. ISBN: 9789023414872

Er is geen wereld waarin ik de intimiderende schoonheid van de Yoruba-poëzie zou willen inruilen voor bijvoorbeeld de sonnetten van Shakespeare, en ook geen wereld waarin ik de voorkeur zou geven aan de Brandenburgse Concerten boven de kora’s van Mali. Ik ben blij dat ik ze allemaal bezit. Dit zorgeloze vertrouwen is deels te danken aan de tijd.

Doorgronden en bewonderen

Cole, geboren in Kalamazoo, Michigan, als kind van twee internationale studenten, maar al na vijf maanden met zijn moeder teruggegaan naar haar geboorteland, groeide op in Lagos. De enige halve Amerikaan in een verder volledig Nigeriaans gezin. Het sprak voor zich dat hij na zijn middelbareschooltijd in Amerika zou gaan studeren, en wat anders dan medicijnen? Maar eenmaal terug in zijn geboorteland hield hij die studie al gauw voor gezien. Economische perspectieven be damned: hij ging kunstgeschiedenis studeren. In 2011 vergaarde hij internationaal bekendheid met zijn roman Open City. (Het succes zorgde ervoor dat zijn in Nigeria verschenen debuut uit 2007, Everyday Is for the Thief, in 2014 opnieuw werd uitgegeven.) Open City volgt een wat zelfingenomen en ironieloze Nigeriaanse arts in opleiding, Julius, die een verbroken relatie verwerkt en door New York en Brussel struint en hier en daar een praatje aanknoopt. Cole’s sebaldiaanse stadswandelingproza – zijn relatie tot de Duitser bevindt zich ergens op het raakvlak van bewondering, eerbetoon en imitatie – werd met open armen ontvangen.



De basis van Known and Strange Things, in vertaling uitgekomen als Vertrouwde en vreemde dingen, zou oorspronkelijk worden gevormd door de stukken die Cole als fotografiecriticus voor het magazine van The New York Times schreef. De opname van de overvloed aan bijdragen die Cole de afgelopen jaren aan andere media leverde, over sterk uiteenlopende onderwerpen, maakt dat die kern nog maar een bescheiden rol speelt. In de bundeling gaat het nu ogenschijnlijk over zo ongeveer alles wat hem de afgelopen tien jaar heeft beziggehouden, onderverdeeld in ‘lezen’, ‘kijken’ en ‘zijn’. Er zijn de beschouwingen die in de eerste plaats over visuele cultuur, fotografie of beeldende kunst gaan, essays en besprekingen van leven en werk van schrijvers en dichters, en ten slotte dat wat daarbuiten valt: in de meeste gevallen essayistische reportages en reflecties.

Vertrouwde en vreemde dingen van Teju Cole is een bundel essays, recensies, en beschouwingen over literatuur, fotografie, politiek en racisme. Het openingsstuk van de bundel, ‘The Black body’, het verslag van een reis naar Leukerbad Zwitserland waar James Baldwin een tijd verbleef Go tell it on the mountain afmaakte en Stranger in the village schreef, gaat over Baldwin’s verhouding met de westerse cultuur. Baldwin kon Shakespeare, Bach en Rembrandt niet zien als zijn erfenis. Cole heeft een andere, door de tijd gevormde, blik.

Bach, die zo door en door menselijk is, hoort ook bij zojn voorouders en hij voeltzich geen indringer als hij naar een portret van Rembrandt kijkt.

Vertrouwde en vreemde dingen is een rijke bundel geschreven door bevlogen essayist. Hij eindigt dramatisch met een beschrijving van hoe hij na het intensief lezen van de dagboeken van Virginia Woolf ineens letterlijk een blinde vlek in zijn zicht had.

Cole schrijft in zijn bundel met toewijding over het werk van ondergewaardeerde fotografen als Saul Leiter, Richard Renaldi en Roy DeCarava, over dichters als Tranströmer en Walcott en natuurlijk over W.G. Sebald. Hij schrijft over de moderne beeldcultuur in het algemeen en over Instagram-fotografie en de eindeloze hoeveelheid doden die in de tabbladen van zijn webbrowser blijven staan in het bijzonder. Over een poging om in São Paulo een foto van René Burri na te maken en over de dodelijke grens tussen Mexico en de VS, over Palestina, Rome en Rio. Hij schrijft beklemmend over mob justice in Nigeria, over de Ghanese dichter Kofi Awoonor die om het leven kwam bij een terreuraanslag in Nairobi, over Obama die hoop belichaamt en over het contrast van diens oprechte liefde voor literatuur en over de westerse drang een imaginair ‘Afrika’ te redden, die nog niets aan kracht heeft ingeboet.

Door de verleidelijk verhalende toon van fictief proza gebruiken terwijl hij de wereld om zich heen beschouwt, en/of laten zien hoe kunst wortelt in de samenleving en daar een uitstekende spiegel van kan zijn, wordt het vertrouwde daardoor geregeld vreemd, en even vaak wordt er een poging gedaan om het vreemde vertrouwd te maken.

Een delicatesse voor wie houdt van literatuur- en cultuur(geschiedenis) en actuele, maatschappelijke vraagstukken.

André Oyen

 

00:00 Gepost in BOEKEN | Permalink | Commentaren (0)

De commentaren zijn gesloten.