Blogs cinebel.be
cinebel.be | Créer un Blog | Avertir le modérateur

06-01-16

Io e te

84562.jpg


Io e te

Niccolò Ammaniti: Jij en ik 

film(2012) 

Alternatieve titel: Me and You 

Bernardo Bertolucci  

Italië

Drama

103 minuten

 

met Tea Falco, Jacopo Olmo Antinori en Sonia Bergamasco

 

 

 

 Boek ik en jij

Auteur: Niccolò Ammaniti 

Oorspronkelijke titel: Io e te 

Uitgeverij Lebowski 

ISBN: 978 90 488 0826 7 

Gebonden 126 pagina's 

 

Prijs: € 10,00 

Verschenen: oktober 2010 

 

Niccolò Ammaniti is een van de Giovani Cannibali of te wel Jonge kannibalen. Het gaat om ( jonge auteurs die sinds midden jaren ’90 de Italiaanse literatuur bestormen met onverbloemde verhalen over het ‘echte’ Italië, een plaats waar vooral wanhoop en vervreemding heersen. Omdat ze daarbij gretig gebruik maken van seks, geweld en schuttingtaal worden ze door de goegemeente afgedaan als pulp maar daar is niet iedereen het mee eens.Ammaniti's eerste boek Branchie (vertaald als Kieuwen) kwam in 1994 uit. Eigenlijk was Ammaniti bezig af te studeren aan de universiteit van Rome in biologie en moest hij alleen nog zijn scriptie schrijven. Maar de scriptie over vissen werd uiteindelijk een roman over een jongen die voor zijn hobby aquaria bouwt. In 1995 schreef hij Nel nome del figlio op initiatief van zijn vader, Massimo Ammaniti. Het is een verhaal over de problemen van adolescenten. In 1996 volgde Fango, een verzameling verhalen die hem bekendheid gaf bij het grotere publiek. En een jaar later werd van hem het hoorspel Anche il sole fa schifo (Ook de zon staat tegen) uitgezonden op RadioRai. Hierna schreef hij het nawoord voor het boek La notte del drive-in (De nacht van de drive-in) van de door hem zeer geliefde schrijver Joe R. Lansdale en werd een verhaal uit Fango verfilmd met Monica Bellucci, door de regisseur Marco Risi als L’ultimo capodanno dell'umanità (vertaald als Het laatste oudejaar van de mensheid).

Ammaniti’s eerste bestseller Io non ho paura (vertaald als Ik ben niet bang) bezorgde hem in 2001 Il Premio Viareggio en door de vele herdrukken, waaronder een editie voor scholieren, staat het boek ook in Nederland en Vlaanderen lange tijd hoog in de lijst met best verkopende boeken. Ik ben niet bang vertelt het verhaal van de negenjarige Michele Amitrano die een groot geheim ontdekt. Michele weet niet of hij het nou met zijn omgeving (een kleine boerengemeenschap in Italië) moet delen of niet. Hij raakt steeds verder verstrikt in zijn eigen verzinselen om zijn ontdekking geheim te houden, totdat mensen van buitenaf zich ermee gaan bemoeien.

De verfilming van Ik ben niet bang door Gabriele Salvatores, met een script geschreven door Ammaniti zelf en Francesca Marciano, leverde hen zelfs diverse nominaties op.

Zijn volgende roman Come Dio Comanda (vertaald als Zo God het wil) leverde Ammaniti de meest prestigieuze Italiaanse literaire prijs op, de Premio Strega. Ook dit boek wordt verfilmd. Het verhaal in Zo God het wil gaat over de dertienjarige Cristiano Zena die bij zijn aan alcohol verslaafde vader Rino woont. Rino's beste vrienden zijn Quattro Formaggi en Danilo, met wie hij het plan heeft om op onrechtmatige wijze aan geld te komen. Maar dan ontmoet hij Fabiana, een meisje waar Cristiano al een tijd een oogje op heeft. De dingen met haar en de overval lopen echter niet zoals gepland en voor Cristiano staat er een nacht te wachten vol rampspoed en is hij zelf de enige die het zinkende schip nog kan redden.

Niccolò Ammaniti is ook in het Nederlandse taalgebied een graag gelezen schrijver. Zijn werk wordt ook heel gretig verfilmd en één van die laatste succesvolle vertalingen op celluloid is Io e te.

 Io e te of te wel Ik en jij, ben ik dank zij de schitterende verfilming van Bernardo Bertolucci  nog eens gaan herlezen en wat blijft het een mooi en ontroerend boek. De veertienjarige Lorenzo, is een introverte en wat neurotische jongen die moeilijk contact kan maken met zijn leeftijdgenoten. Hij is het liefst alleen en heeft een manier gevonden om vrijwel onzichtbaar te zijn voor zijn klasgenoten. Zijn moeder maakt zich echter grote zorgen om hem en om haar gerust te stellen vertelt Lorenzo haar een leugen. Dit brengt hem in contact met zijn halfzusje Olivia, die hij in eerste instantie helemaal niet wil leren kennen, totdat hij zich realiseert dat ze elkaar wel eens tot steun kunnen zijn.

Het lukt Ammaniti om volledig in het hoofd van de jonge Lorenzo te kruipen en de wereld om hem heen te observeren en analyseren. Ik en jij wordt door Ammaniti op een hele sobere manier verteld maar straalt wel een ongeziene grandeur uit.

 De Italiaanse grootmeester Bernardo Bertolucci, die ‘The Last Emperor’, ‘Novecento’, ‘Il Conformista’ en nog een heel andere rits van meesterwerken op zijn naam heeft staan waagde zich  op 73-jarige leeftijd aan dit juweeltje van filmkunst. 

Niccolò Ammaniti schreef mee aan het scenario  en die heeft er voor gezorgd dat het personage van Lorenzo intact bleef. In de film is hij ook de puberale  Lorenzo (Jacopo Olmo Antinori ) die songs dweept met songs van The Cure, Arcade Fire en Muse.

In plaats van met de rest van de klas een week op skivakantie te trekken, slaat Lorenzo een voorraad colablikjes in en verschanst hij zich samen met zijn mierenkolonie en een exemplaar van Anna Rice' ‘Interview With the Vampire’ als een soort vrijwillige banneling in de kelder van de woontoren. Via zijn gsm brengt hij zijn moeder trouw verslag uit  van allerlei verzonnen sneeuwballengevechten).

Lorenzo's zelfopgelegde huisarrest wordt evenwel onverwacht onderbroken  door zijn halfzus Olivia (Tea Falco), een junkie die in de kelder komt afkicken van haar heroïneverslaving. 

 In eerste instantie wil Lorenzo niets van Olivia - beeldschoon, brutaal en gevaarlijk – weten, totdat hij zich realiseert dat ze elkaar misschien wel kunnen helpen. 

Bertolucci doet het afkicken niet mooier voor dan het is. Olivia, prachtig gespeeld door Tea Falco, ligt regelmatig kotsend en rillend op de badkamervloer. De pukkelige Lorenzo reikt haar onhandig iets aan om aan te trekken.

Maar met zijn zus ontdekt hij dat er niets is om bang voor te zijn. Zij danst voor hem, traag, uitdagend met grote armbewegingen. En als ze slaapt bestudeert hij haar met een vergrootglas, net als zijn mierenkolonie. Lorenzo sloot zich voor de buitenwereld af met zijn koptelefoon. Met zijn zus wil hij wel samen naar liedjes luisteren. ‘Io e te’ heeft niet toevallig een opmerkelijke soundtrack, met werk van onder meer The Cure, Red Hot Chili Peppers, Arcade Fire en een zeldzame Italiaanse versie (door David Bowie zelf ingezongen) van ‘Space Oddity’. Om kippenvel van te krijgen. Dat geldt eveneens voor de piepjonge Jacopo Olmo Antinori die met weinig woorden maar met heel veel gelaatsexpressie de show steelt en  zich de ontdekking van deze prachtige, aristieke film mag noemen. 

André Oyen

De commentaren zijn gesloten.